Seizoen 94/95

1994 – 1995

Bekijk de beschikbare video’s op IJsselmeervogels.TV

IJsselmeervogels 1994 - 1995

IJsselmeervogels 1994-1995

Een nieuw seizoen met een vernieuwde kantine. Ook een IJsselmeervogels met een nieuwe trainer: Erik Assink, die moet proberen de Vogels weer op het hoogste niveau te brengen, waardoor dit seizoen moet worden gezien als een soort leerjaar. Successen mogen niet worden verwacht, de vruchten zullen pas in de toekomst worden geoogst.
Ondanks de gematigde woorden van de trainer wordt de eerste wedstrijd wel in winst omgezet, uit tegen VVOG wordt het 2-5, en na 5 wedstrijden is acht punten behaald, 3x winst en 2x gelijk. Op 22 oktober kwam Urk op bezoek wat 1 verliespunt minder dan IJsselmeervogels had, na een zinderende wedstrijd werd een 0-1 achterstand omgebogen naar een 3-2 eindstand en het eerste succesje kreeg hiermee gestalte namelijk het winnen van de 1e periode op 29 oktober. Na deze succesvolle reeks ging het wat minder, tegen Spakenburg werd het een bloedeloze 0-0 en tegen Elburger SC werd de eerste nederlaag geleden (2-1) en met het ingaan van de winterstop stond IJsselmeervogels 1 punt achter op koploper Genemuiden.

Dennis Bos scoort tijdens de wedstrijd tegen Broekster Boys

Dennis Bos scoort tegen Broekster Boys

Na de winterstop leek het er toch meer en meer op dat de Vogels voor de titel ging integenstelling tot de woorden van de trainer dat het om een leerjaar ging. Enkele wedstrijden voor het einde werd nog steeds de koppositie ingenomen en moest men uit naar Spakenburg. Een zeer spannende wedstrijd daar Spakenburg ook nog kansen op de titel had maar moest dan wel winnen van de Vogels. In een thriller werd het na een 0-1 voorsprong uiteindelijk 1-1 waarbij Spakenburg-speler Theo de Graaf zijn strafschop gestopt zag door keeper Rob Hilbers. In de laatste wedstrijd van de competitie werd uiteindelijk het kampioenschap binnengehaald door een 7-0 overwinning op broekster boys.
Toen de strijd om het zaterdagkampioenschap, volgens velen had IJsselmeervogels daarin geen schijn van kans, vooral het machtige Katwijk zag men als een niet te nemen vesting. Spelers van Spakenburg gingen zelfs zover dat ze openlijk in de pers verkondigden dat het jammer was dat Spakenburg niet kampioen geworden was want zij hadden een betere ploeg als de Vogels en zodoende meer kans op het zaterdagkampioenschap. IJsselmeervogels zelf logenstrafte deze woorden, thuis werd het tegen Katwijk 0-0, uit tegen Kozakken Boys verloor men echter met 2-0 en de woorden van de pessimisten leken uit te komen maar door een 1-4 overwinning uit op Katwijk keerden de kansen weer en toen ook thuis van Kozakken Boys met 2-1 gewonnen werd moesten de Katwijkers hun laatste duel tegen Kozakken Boys met 4 doelpunten verschil winnen, het werd 3-1 voor Katwijk en IJsselmeervogels mocht zich opnieuw zaterdagkampioen noemen.
In de strijd om het algemene amateurkampioenschap moest IJsselmeervogels aantreden tegen zondagkampioen Holland. In de eerste wedstrijd uit in Utrecht kwamen de Vogels op een 0-1 voorsprong door Dennis Bos en het had op een 0-2 voorsprong kunnen komen als scheidsrechter Gerritsen een overtreding op Gérard v/d Nooij had bestrafd met een strafschop. Dat deed hij in de 2e helft wel na een schwalbe van Grünholtz waardoor Holland met de hulp van de scheids op 1-1 kwam wat tevens de eindstand was. De tweede wedstrijd op de Westmaat eenzelfde wedstrijdbeeld, IJsselmeervogels op voorsprong dit keer door Gijs Bos, maar een Holland die met de hulp van de scheidsrechter op 1-1 kwam, een vrije trap werd door de vrijstaande Teste la Muta in doel gekopt. Holland had toen de betere papieren, ook al omdat IJsselmeervogels 3 vaste krachten miste, maar Gérard v/d Nooij zorgde met een bekeken schuiver voor 2-1 en bezorgde zo IJsselmeervogels de algemen amateurtitel, de 4e in haar historie wat eer record betekend in het amateurvoetbal.

IJsselmeervogels - Ajax

Wedstrijdbeeld IJsselmeervogels – Ajax

Enkele weken later volgde nog een oefenwedstrijd tussen amatuerkampioen IJsselmeervogels en betaaldvoetbal kampioen Ajax de winnaar van de Champions Leage. Voor zo’n 7.000 toeschouwers wonnen de Amsterdammers met 1-9.

 


 

IJsselmeervogels voor vierde keer algeheel amateur-kampioen van Nederland

Er viel zaterdag ontzettend veel te beleven op De Westmaat. In een waar spektakelstuk werd voor ongeveer 7.000 toeschouwers een heerlijk voetbalmenu opgediend, waarin tal van ingrediënten zaten die bijzonder smakelijk waren. Verdiend en sportief hoogtepunt vormden de twee doelpunten die IJsselmeervogels een ongeslagen ploeg deden blijven in de strijd om het algeheel amateurkampioenschap van Nederland tegen Holland uit Utrecht. Het ‘knokvoetbal’ van IJsselmeervogels won het van het ‘zaalvoetbal’ van Holland. Nadat de eerste confrontatie in een 1 -1 gelijkspel eindigde, werd het in de beslissende tweede ontmoeting uiteindelijk 2-1 voor de roodwitten, die hiermee voor de vierde maal in hun bestaan algeheel amateur-kampioen van Nederland werden.

De pure klantenbinding van zijn team bracht op het gelaat van Vogels-trainer Erik Assink een brede lach. Met een tomeloze inzet had IJsselmeervogels gezorgd voor negentig minuten puur volksvermaak, waarin helaas de scheidsrechter enkele discutabele beslissingen nam. Hij had wel oog voor de opzichtige overtredingen van spelers van IJsselmeervogels, maar geenszins voor de slimme overtredingen van sommige spelers van Holland, die derhalve niet met geel werden bestraft.

Omdat naast de lokale ook de landelijke televisie ‘s avonds volop aandacht besteedde aan de wedstrijd kreeg dat vermaak nog extra uitstraling en weten velen in ons land weer waar Spakenburg ligt.

Trouwens ook de radio en de schrijvende pers waren zaterdag rijkelijk vertegenwoordigd. Over propaganda van het zuiverste water voor ons dorp gesproken. De VVV en waarschijnlijk ook de markthandel zullen er ongetwijfeld voordeel uit weten te halen. De spelers, trainer, elftalleiding, het bestuur en supporters van IJsselmeervogels verdienen voor hun inzet, inzicht, bestuurlijke kwaliteiten en massale ondersteuning een groot compliment en een proficiat is hier wederom zeker op z’n plaats. (bron: de Bunschoter)

 

Het einde van een indrukwekkende titeljacht is bereikt. Maar wat voor een einde! Het absolute einde. Het toppunt. In de 32e wedstrijd van deze voetbaljaargang greep IJsselmeervogels op een werkelijk kolkende Westmaat (7.000 toeschouwers) dankzij een 2-1 overwinning op Holland het algeheel amateurkampioenschap. Wat aan het begin van het seizoen een sprookje werd genoemd is voor de weer roemruchte roodwitten werkelijkheid geworden. Dromen zijn voor de fanatieke Vogelsaanhang geen bedrog meer. Een succes vooral tot stand gekomen door een weergaloze mentaliteit en teamgeest. De kampioen van de eenheid. Het succes van de eerste tot de laatste man.

Afdelingskampioen, zaterdagkampioen en algeheel amateurkampioen. De rijke oogst van de voetbaljaargang 1994-’95. Onderaan de ladder begonnen en nu Neerlands beste.

Vrijwel iedere week weer ging de formatie van de teambuilder pur sang, Erik Assink, tot de bodem. Niet stuk te krijgen waren ze, de Vogelshelden. Van september tot en met juni werd de competitie bijkans één grote glorietocht. Een supporter van de meest succesvolle amateurclub van Nederland sprak onlangs: “Het is eigenlijk allemaal best wel vermoeiend. je bent geen avond meer vroeg thuis.” Het is duidelijk: de Vogelsaanhang is in de greep van het succes. En ze hadden na de sportieve stilte van de voorgaande zes jaren nogal wat schade in te halen. In het thuisduel (in Utrecht werd het 1-1) tegen Holland sloeg IJsselmeervogels met de vuist op tafel. Ondanks het gemis van drie vaste defensieve krachten, Renger de Groot, Theo Koopmanschap en Michael van den Berg, had het maling aan namen als Gert van Hanegem, Rob Alfen, Bert Aipassa en RickTestalaMuta.

Van meet af aan speelde de thuisclub één op één. Een tactiek waarmee coach Erik Assink zijn collega Gert Kruys afblufte. Slim was ook de keuze van Assink om juist de middenvelders Kees de Graaf en George Tehubijuluw in het centrum van de verdediging te plaatsen. Beiden schoven dikwijls door. Rob Hopman verhuisde hierdoor naar de rechtsbackpositie. Op links stond Henk Huijgen z’nmannetje.

Hakballetje

Gijs Bos scoort 1-0

Gijs Bos scoort 1-0

Reeds na zeven minuten raakte de Westmaat in extase. George Tehubijuluw leidde een Vogelsaanval in waarna Kees de Graaf middels een hakballeije Gérard van der Nooy op maat bediende. Met een stiftballetje zette Van der Nooy de Holland-verdediging op het verkeerde been maar de topscorer zag in het vervolg z’n inzet gekeerd door de prima doelman Ad Hoogeveen. Gijs Bos reageerde in de rebound attent en schoot alsnog de 1-0 treffer op het scorebord. Het sportpark schudde op zijngrondvesten.

De wedstrijd was opengebroken en het zou er alleen maar leuker op worden.Ook voor de neutrale toeschouwers. In de 21e minuut wist Holland voor het eerst gevaarlijk te worden toen Rob Alfen voor keeper Rob Hilbers verscheen. De overtuiging ontbrak echter bij de inzet van Alphen. Het bewonderenswaardig hard werkende IJsselmeervogels controleerde grotendeels de eerste helft. De kans op 2 -0 ontstond in de 27e minuut. Bert Aipassa verspeelde het leer aan Dennis Bos. De jongste Bos legde hierna de bal panklaar voor Gérard van der Nooy maar hij vond doelman Ad Hoogeveen andermaal op zijn weg.

Hekken

Door balverlies van Rob Hopman kon Holland vlak voor rust tot een gevaarlijke counter komen. Gerlof Kwakkel zorgde voor uitkomst voor de thuisclub door Rick Testa la Muta vlak voor het strafschopgebied omver te duwen. Zondagscheidsrechter Van Doorn bestrafte Kwakkel met geel waar even rood dreigde. Geel was er verder ook voor George Tehubijuluw, Guus Posthumus en Kees de Graaf.

Nog geen vier minuten in de tweede helft werd IJsselmeervogels geconfronteerd met een koude douche. Door een moment van onachtzaamheid aan de zijde van doelman Rob Hilbers en verdediger Rob Hopman kon de volledig vrijstaande Testa la Muta de bal uit een afgemeten vrije trap van Henny Lettinckbij de tweede paal pardoes in het net koppen (1-1). De doelpuntenmaker was uitzinnig van vreugde en klom in de hekken. De schrik zat er bij de thuisclub even in. Toch kwam men terug. Negen minuten later.

2-1 door Gerard v/d Nooij

Gérard v/d Nooij scoort 2-1

Bij een beleg om het Holland-doel belandde het leer via mulamba Kanyeba bij ‘torjäger’ Gérard van der Nooy. Vanuit een in eerste instantie niet eens kansrijke situatie mikte hij na enig kap- en draaiwerk vanaf de rand van het strafschopgebied de bal in de uiterste hoek (2-1). De treffer had een gigantische vreugde-explosie bij de roodwitten tot gevolg.

Karakter

Het technisch vaardige Holland moest nu komen. En het kwam ook. Maar men liep zich veelal te pletter op het granieten Vogelsblok. In de 20e minuut hadden de gasten toch bijna succes met een splijtende aanval. Schuin voor Rob Hilbers schoot Bert Aipassa voorlangs waarbij Testa la Muta bij de tweede paal de bal net miste. Scheidsrechter Van Doorn liet zich enkele malen op een verkeerde wijze gelden. Onder meer toen Edwin Grünholz op de bal stapte en de leidsman vlak voor het strafschopgebied een vrije bal toekende aan Holland. De schade bleef beperkt.

In het slotkwartier bracht het fel aanvallende Holland breekijzer Dick Wahl in. De Spakenburgers moesten in de slotfase nog één keer alles op alles zetten. Zelfs moest Gijs Bos nog een inzet van Edwin Brouwer van de lijn halen. Maar ook 3-1 behoorde tot de mogelijkheden. De laatste speelminuten tikten langzaam weg. De beker schitterde aan de zijlijn in de zon. Op basis van karakter wist men ongeschonden de eindstreep te halen. Bij het verstommen van het laatste fluitsignaal gingen de handen de lucht in. Het was het startsein voor een knalfeest. Voor de vierde maal in 25 jaar zaterdageerste klassevoetbal greep IJsselmeervogels de algehele amateurtitel. Rest een meer dan verdiende rust. Rusten van een zeer inspannend seizoen. Vakantie, het zal vele roodwitten als muziek in de oren klinken. Alhoewel, 15 juli wacht eerst nog Europacupwinnaar Ajax. Na een kort zomerreces staat drie weken daarna alweer de eerste training op de rol. Over amateurvoetbal gesproken.

De omgang met succes zal in het nieuwe seizoen voor een aanzienlijk deel koersbepalend gaan werken. Belangrijk is dat IJsselmeervogels ook dan blijft koersen op karakter. Door strijd een kroon! De les van dit seizoen. De roodwitte strijders mogen trots zijn. (bron: de Bunschoter)

 

EMOTIONELE TOESTANDEN NA ALGEHEEL KAMPIOENSCHAP IJSSELMEERVOGELS,

SPAKENBURG OP STELTEN

SPAKENBURG, maandag, 26 juni 1995 (de telegraaf)

bloemen voor de vogels supporters

Bloemen voor de Vogels supporters

Heel Spakenburg ontplofte bijkans en schreeuwde het uit van vreugde. Want na het laatste fluitsignaal was na twaalf jaar de felbegeerde algehele landstitel bij de amateurs weer terug. IJsselmeervogels won met 2-1 van Holland. Vorige week was het eerste duel in Utrecht in 1-1 geëindigd.

En onder de klanken van het huisorkest ‘de leutige knarren’, dat het clublied ‘alle vogels vliegen’ inzette, pinkten vooral de oudere supporters menig traantje weg. “Daar doe je het voor. Deze mensen leven hier zo intens mee” ze staan als, één man achter de groep. In de meeste gevallen is dat ook het verschil tussen zaterdag -en zondagvoetbal,” sprak een geëmotioneerde trainer Erik Assink na afloop. Vorige week, verweet hij , Zijn ploeg nog gebrek aan inzet. Daar had hij deze keer niet over te klagen, want zijn spelers streden van de eerste tot de laatste seconde. Zoals een Gijs Bos, de man die de eerste treffer voor zij rekening nam. “We wisten dat door het wegvallen van Koopmanschap, Van den Berg en De Groot het achterin moeilijk zou worden. Maar door allemaal er een schepje bovenop te doen, is het gelukt. ” En weg was hij om de polonaise voor bijna 7000 toeschouwers te vervolgen.

En Holland? Voor de tweede keer in drie jaar lukte het niet. Na afloop moest trainer Gert Kruijs in de dug-out minuten lang alles verwerken. Even verder op zat in de gang na de kleedkamer Muthala wezenloos voor zich uit te staren. Edwin Grünholz, die iedere dag aan de enkel behandeld was door fysiotherapeut Jack Lutiners, sprak zachtjes: “Het is heel simpel: als je over twee wedstrijden verliest, heb je verdient vèrloren.”

Assink had gegokt om achterin één op één te spelen. “En dat lukte. Ik moet een groot compliment. geven aan mijn spelers en vooral aan een man als Huygen. Opnieuw toonde een zaterdagelub zich de sterkste waardoor de stand om de landstitel 17-9 werd voor de zaterdagamateurs. Na zeven minuten werd het al 1-0. Uitblinker Gerárd van de Nooy strandde eerst nog op doelman Hoogeveen, maar Gijs Bos maakte het met links af. Rob Alfen voor Holland kreeg een goede kans op 1-1 en aan de andere kant hield Hoogeveen, Gerárd van de Nooy van 2-0 af. Vier minuten na rust werd het gelijk. Heel IJsselmeervogels wond zich op over een vrije trap. Lettinck nam deze snel en Testa La Muta kon geheel vrijstaand, inkoppen (1-1). Acht minuten later was het al 2-1. Kanyeba gaf aan en Van der Nooy knalde laag in de hoek raak.

intocht van IJsselmeervogels

Intocht in de haven van Spakenburg

Het enorme feest kon van start. Via een boottocht door de haven kwamen de ‘Vogels’ weer op het veld waar de bier pompen niet meer tot stilstand kwamen.

 

Er staat een groep mensen op een boot, gekleed in witte shirts met een brede rode baan. Eén figuur is hoog in de mast geklommen, met een grote beker in de hand. Op de kade staan duizenden mensen, sommigen in dezelfde tricots, anderen met rood-witte sjaaltjes en beschilderde gezichten. Eén vermetele stort zichzelf vanaf de kant in het water, zwemt naar het schip en wordt met gejuich aan boord getrokken. Amsterdamse taferelen, met lokaletintjes. In de drommen publiek staan immers ook de nodige vrouwtjes in klederdracht, met stijf gesteven kraplappen en mutsen, terwijl ook de botter De Bunsjoter een iets pittoreskere aanblik biedt dan een rondvaartboot van rederij Kooij. De intocht van de selectie van IJsselmeervogels in de knusse Oude Haven van Spakenburg is er niet minder fascinerend om. ‘Verschrikkelijk bijzonder’,zoekt ook eerste jaars Vogels-trainer Erik Assink naar superlatieven. ‘Je wordt op een gegeven moment uit de kantine weggesleept om naar die boot te gaan en dan heb je nog het idee dat je feestje eigenlijk een beetje onderbroken wordt. Ik had op het sportpark nog wel wat langer door willen feesten. Maar als je dan die haven binnenkomt, is dat zó mooi. De kant waar wij aanlegden staat ook bekend als de rooie kant, de overkant is de blauwe kant, waar van oudsher de mensen van de voetbalclub Spakenburg woonden. Die dingen tellen allemaal in zo’n dorp. De spelers zongen ook het clublied van de Blauwen nog even. Maar dan wel alsof je een plaat van 45 toeren op 33 toeren afdraait. Even jennen, een steek onder water. Bij Spakenburg hebben ze dit seizoen constant geroepen dat zij beter waren, ook nadat wij al – nota bene vóór hen kampioen van de eerste klasse C waren geworden. Ze hebben heel het seizoen achter ons aangehobbeld, maar dan vonden ze toch weer dat zij meer kans hadden tegen Katwijk, in de play-offs om de zaterdagtitel. Wij hebben daar nooit op gereageerd, maar nu hebben de mensen van IJsselmeervogels natuurlijk des te meer reden de komende weken met de borst vooruit door het dorp te lopen.’

de bunsjoter meert aan

De Vogels komen aan wal

Assink zelf deed dat bepaald niet, of in ieder geval niet opvallend. Bij de prijsuitreiking stond de coach helemaal achteraan en toucheerde de beker zelfs niet. Daarna was Assink ook binnen vijf minuten weer uit de kleedkamer.’Ik hoef niet zo nodig vooraan te staan, ik ben wat introverter. Voor mij was het hoogtepunt het laatste fluitsignaal van de scheidsrechter, want toen was de buit binnen. Dat was het voetbalgedeelte van het feest. Wat daarna nog komt, is daar alleen een gevolg van. En in zo’n kleedkamer heb ik het na vijf minuten echt wel gezien. Dan heb ik gezegd wat ik kwijt wil. En dat praatje is dan nog meer uit praktische overwegingen, omdat ik ze dan allemaal even bij elkaar heb. Op zo’n avond lukt je dat verder niet meer.

Na het behalen van de zaterdagtitel heb ik me ook bewust heel de avond beperkt tot frisdrank. Ik wilde zo’n feestje een beetje van buitenaf beschouwen. Nu heb ik voor m’n gevoel wel een mooi feest gehad. We zijn het dorp nog in geweest en daar ging het heel lang door’. Het blijft een niet bepaald voor de hand liggende keuze, ook al vanwege de afstand.’Het is 350 kilometer heen en weer, maar ik heb geen hekel aan autorijden en we hebben een redelijk relaxte winter, zonder sneeuwstormen en vreselijke ijzel, achter de rug. Dan is het wel te doen. Ik ben een trainer die ook een gezicht heeft. En niet iemand die alleen maar tegen zijn spelers zegt dat ze dit en dat moeten doen, want anders. Als ik dat alleen maar had gedaan, had ik het ook geen zes jaar bij Drachtster Boys volgehouden. Je moet natuurlijk een verhaal hebben, want spelers moeten wel weten dat je naar iets streeft, dat er een doel zit achter wat ze moeten doen. Maar er is meer dan alleen de verhouding speler-trainer, er is ook nog een menselijke relatie.’ Vandaar dat Assink bijvoorbeeld zeer begaan’ is met het lot van Mulamba Kanyeba. De voormalig Zaïrees international, die zes jaar lang als prof in Griekenland speelde, wacht als politiek vluchteling al maanden op een definitieve verblijfsvergunning, maar kan ook zomaar morgen te horen krijgen dat hij terug moet naar zijn vaderland. ‘En dan kon het wel eens heel slecht met hem aflopen. Hij is als international jarenlang vaandeldrager van zijn land geweest en heeft in die functie wel eens wat uitspraken gedaan met een politieke lading. Hij had wat kritiek op het nieuwe regime daar. Vervolgens is hem diverse keren te verstaan gegeven dat een terugkeer in Zaïre een slecht idee zou zijn. Hij is gewoon herhaaldelijk met de dood bedreigd. Het zou echt te zot voor woorden zijn om zo’n vent, met een vrouw en drie kindertjes, terug te sturen. Want we weten wat er dan gaat gebeuren. Hij mag nu niet werken, slijt zijn dagen in ledigheid en heeft alleen die spanning over een definitief verblijf om zich mee bezig te houden. Daar moet hij haast wel gek van worden. En hij kan hier in Spakenburg zo werken hoor. Er is altijd wel een sponsor bereid om hem een baan te geven.’ De geruchten gingen zelfs dat Assink Kanyeba de laatste weken alleen opstelde, omdat zijn verblijf in Nederland wel eens snel beëindigd zou kunnen worden. De trainer reageert: ‘De beste elf spelen bij mij altijd. Maar als ik moet kiezen tussen twee jongens die even goed zijn, ben ik wel iemand die dit soort dingen mee laat wegen.’ Waar de Zaïrese linkerspits dus moet vrezen voor zijn toekomst, daar lijkt het kostje van Assink met de dit seizoen behaalde successen meteen gekocht. Wie IJsselmeervogels na een roemloze periode van vele jaren weer kan laten presteren, kan qua status met de toppers meedoen. ‘Ach, ik hoef geen standbeeld op het Spui. Ik heb bij een club waar ik train maar één belangrijke voorwaarde: ik moet er mijn ei kwijt kunnen, er een goed gevoel bij hebben. Een mooie accommodatie, een leuk trainingsveld. Dat moet allemaal aantrekkelijk zijn. En als de intentie aanwezig is om er iets moois van te maken en de spelers ook nog een bepaald niveau hebben, ben ik in principe geïnteresseerd. Natuurlijk hoop ik dat mijn volgende club ook weer een topclub is, maar als een club als HZVV die voorwaarden weet in te vullen, ben ik daar ook voor in de markt Maar het moet wel een eersteklasser zijn. Niet dat ik me te groot voel voor de tweede klasse maar ik heb mezelf tot doel gesteld dat ik de komende tien jaar op het hoogste niveau train.

IJsselmeervogels kampioen 94/95

IJsselmeervogels kampioen 94/95

En voorlopig zal het bij IJsselmeervogels nog wel even doorgaan. Er wordt nu gesproken overeen langdurig contract, terwijl het gewoonte is om de trainer maar voor één seizoen vast te leggen.’ De naam HZVV komt niet zomaar uit de lucht vallen. Assink was bijna rond met de ploeg uit Hoogeveen, toen er rond Kerstmis ’93 een telefoontje uit Spakenburg kwam. Assink vroeg een paar dagen bedenktijd, maar was er eigenlijk al binnen een paar uur uit. ‘ik was heel blij dat ik nog niet getekend had bij HZVV,’geeft de sportleraar toe.’In de eerste gesprekken maakte IJsselmeervogels gelijk heel duidelijk wat ze wilden. Ze wilden af van het teveel aan jongens van buitenaf. Er lag een heel duidelijk probleem bij de binding tussen het publiek en de ploeg, omdat er weinig echte Spakenburgers in stonden, En een beleidswijziging zou betekenen dat we in eerste instantie een pas op de plaats moesten maken, dan hadden ze daar vrede mee. Rob Hilbers, de keeper, is de enige die er van buitenaf, van Zwarte Schapen, is bijkomen. En die belde dan nog zelf op ook. Of-ie welkom was, want hij had gehoord dat Johan Homan bij ons weg ging. Ik begon het seizoen dus met een hele groep jongens die voor het eerst bij een eersteklasser speelden, een aantal dat zelfs voor het eerste jaar bij de senioren zat. En dan is het de kunst om een ploeg neer te zetten die qua sfeer en qua teamgeest uitblinkt. Waar iedereen en dan ook echt niemand uitgezonderd onvoorwaardelijk een stapje extra voor de ander wil doen. En daarna was het een kwestie van de kip en het ei. We pakten vanaf het begin punten, waardoor er ook sfeer kwam. Maar andersom pakten we door die sfeer ook weer punten. En dan zit het ineens op alle fronten ontzettend mee. Ik heb steeds gezegd dat het een leerjaar zou worden, maar alles wat werd aangepakt, veranderde in goud. Een sponsorloop levert 73.000 gulden op, er wordt een nieuwe kantine neergezet, de supporters komen weer massaal, ook naar uitwedstrijden. En in zo’n sfeer gedijt een ploeg, die in principe gemiddelde voetbalkwaliteiten heeft. Ik heb ook wel eens naar jongens in mijn ploeg gekeken met het idee: zijn dit nou top-amateurs? Maar we hadden de wind in de zeilen, donderden er iedere wedstrijd gewoon bovenop en dat was onze grote kracht, Na twee wedstrijden om de zaterdag-titel hadden we één punt. We waren in principe uitgeschakeld. Alleen Rijnsburgse Boys haalde het in de grijze oudheid nog een keer nadat ze met één uit twee waren begonnen. Maar dan komt de ware mentaliteit van de Spakenburger bovendrijven. Die wil gewoon altijd alles winnen. We donderden Katwijk met 1-4 van hun eigen veld af, klopten binnen 48 uur Kozakken Boys met 2-1. Met tien man! En tegen Holland waren we ook dik de underdog. Maar die eerzucht heeft ons ook daar geholpen. Kijk, ik heb niet de problemen die Gert Kruys bij Holland heeft. Die moet van elf individuen, die allemaal kapitein willen zijn, één team zien te maken. Bij mij zijn het allemaal matrozen, de één is niet beter dan de ander. Met die instelling is het veel makkelijker om teamgeest te kweken. Wij hebben de beste ploeg, zij de beste spelers. Aan de andere kant was het voor mij een probleem om het evenwicht te vinden tussen schouderklopjes uitdelen en de boel wakker houden. Want Spakenburgers zijn ook hele flegmatieke mensen. Als het niet ergens om gaat, verslapt de concentratie. Ach trainer, in de wedstrijd staan we er weer. Het is een proces van maanden geweest om dat er uit te krijgen. Het was net vissen. Als je beet hebt en je haalt die vis in één ruk binnen, spartelt-ie tegen en breekt je lijn. Het is veel beter om’m een stukje binnen te halen, dan de lijn weer wat te laten vieren, net zolang tot die vis moe wordt en je hem precies hebt waar je’m hebben wilt. En uiteindelijk maakt dat ook het verschil. Dick Wahl, die lange spits van Holland, zei in het Utrechts Nieuwsblad dat er bij hen voor de eerste wedstrijd tegen IJsselmeervogels maar een man of zes, zeven kwam trainen. De één sprong nog hoger dan de ander om maar blessures te voorkomen. Dat kan bij ons niet meer.’

vreugde bij Gijs Bos

Vreugde bij Gijs Bos

Komend seizoen is IJsselmeervogels ingedeeld in de eerste klasse A, ook wel de Serie A van het zaterdagvoetbal genoemd. De bollen ploegen én de Vogels in één klasse, dat kan wat worden. ‘We hebben daar zelf om gevraagd. IJsselmeervogels heeft al jaren niet meer in 1A gespeeld. Ik heb nu zeven jaar in de eerste klasse C getraind, dus die kleedkamers ken ik allemaal wel. Wij vinden het ook wel eens leuk om in de competitie al tegen Quick Boys, Noordwijk en Katwijk te spelen. Zoals ik het destijds bij Drachtster Boys prachtig vond als we een keer de kans kregen om tegen IJsselmeervogels te voetballen. Dat sfeertje is toch niet te evenaren? Het zaterdagvoetbal vormt een eenheid. Als je afdelingskampioen wordt, staan in de play-offs om de zaterdag-titel al die clubs uit dezelfde afdeling achter je. En moet je daarna nog tegen de zondagkampioen spelen, dan staan álle eersteklassers achter je. Dat zal bij Holland niet snel gebeuren. De eerste klasse A zwaar? Tja, dat zal wel, maar we moesten dit jaar ook al iedere wedstrijd tot op de bodem gaan. We donderen er gewoon weer iedere week bovenop en dan zien we wel. Mijn ploeg kan alleen nog maar beter worden. Gijs Bos is bijvoorbeeld pas 21 en komt zo van een derdeklasser, Dennis Bos is 19, Henkie Huygen begin twintig, de De Graafjes ook, Hilbers is 24 en tegen Holland had ik twee jongens van 18 jaar op de bank zitten.’

Op 15 juli begint het nieuwe seizoen alweer voor de Rooien. Dan komt Ajax, de landskampioen bij de profs, naar Spakenburg voor een oefenduel tegen de beste amateurploeg van het land, Assink is echter niet van plan zijn vislijn voor het prestigeduel weer strak aan te halen. Want wat doen de Vogels aan voorbereiding? ‘Niets,’ stelt de trainer. ‘Die jongens komen hier, trekken een shirt aan en donderen er weer bovenop,’ En na een korte pauze: ‘Nou ja, we zitten voor dat duel tegen Ajax vier dagen in Valkenburg. Dat zou dan de voorbereiding moeten zijn. Als je dat zo wilt noemen, tenminste. Want er wordt in Valkenburg dus géén Spa rood gedronken. Er is namelijk nog nooit iemand beter geworden van Spa rood.’

(bron: Voetbal)

 

Gert Kruys: ‘Strijdlust gaf de doorslag’

algemeen amateur kampioen!!!

Gérard v/d Nooij koestert zijn prijs

Terwijl om hem heen de wildste vreugde taferelen zich voltrokken, zat Gert Kruys zeker tien minuten lang roerloos met de handen voor het gezicht in de dug-out. De trainer van Holland kon maar niet bevatten dat zijn ploeg, zijn van individuele kwaliteiten en ervaring overlopende formatie, niet had gewonnen, ‘ik vind niet dat de beste heeft gezegevierd. Want ik vind nog steeds dat wij dat zijn, Zeker vorige week. En ook vandaag hebben we weer tachtig minuten het spel bepaald,’vond de Utrechter. Kruys vergat met die analyse een paar dingen. Dat IJsselmeervogels in de eerste wedstrijd bijvoorbeeld een penalty had moeten krijgen, na een overtreding van Aipassa, Dat Holland er later wel één kreeg na een fraaie Schwalbe van Grünholz. Dat het daardoor 1 -1 (goals van Dennis Bos en Rick Testalamuta) werd, in plaats van 0-2 – hoe onverdiend dat gezien het spelbeeld ook geweest was – en dat Holland zo nog mocht hopen voor de return. En dat de mannen uit de Domstad in dat tweede duel in Spakenburg nooit raad wisten met de vechtersmentaliteit en de verrassende tactiek van de Vogels, die vanaf het begin achterin één-op-één speelden, Een uit nood geboren spelletje blufpoker van Erik Assink, omdat hij door de afwezigheid van de routiniers Theo Koopmanschap en Renger de Groot én Michael van den Berg simpelweg niet meer verdedigers had. Het leverde al na zeven minuten de 1-0 van Gijs Bos op en vlak voor het einde de 2-1 van uitblinker Gérard van der Nooij, die oud-Ajacied Rob Alflen volkomen overliep.’Ze zijn er dus gewoon afgedonderd door een gehandicapte ploeg, die voornamelijk bestond uit jongens die nog aan het begin van hun carrière staan, Zij zijn in balbezit dan wel beter, maar bij balverlies blijken ze toch kwetsbaar. En het is gewoon een eerlijke strijd van twaalf tegen twaalf geweest, want wij hadden het publiek mee en zij de scheidsrechter,’vond Assink. ‘De strijdlust heeft de doorslag gegeven. Na die 1 -1 van Testalamuta dacht ik dat we ze hadden liggen. Niet, dus. Het is knap als je zo elke keer weer naar het maximale van je mogelijkheden kunt spelen. Dat hebben wij niet gedaan,’ gaf Kruys toch aan te weten waar de tekortkomingen bij zijn ploeg liggen. ‘Kijk, als mijn spelers behalve technisch ook nog mentaal, fysiek en tactisch toppers waren, speelden ze natuurlijk niet bij Holland,’ (bron: Voetbal)

Vogels maken veel los (bron: de Bunschoter)

bijna algemeen amateurkampioen

Bijna algemeen amateurkampioen

Tranen van geluk vloeiden er nadat de vierde algehele titel een feit was. Uit handen van Ad Lansink, voorzitter amateurvoetbal, nam Gérard van Nooy de trofee in ontvangst. De Supporters waren in extase. Twaalf jaar (tegen DHC) moest IJsselmeervogels, wachten om opnieuw gekroond te worden tot Neerlands beste. En dat in een seizoen waarin niet hoog van de toren werd geblazen. De spelers werden als helden op een glorieuze ontvangst onthaald.

En dat verdienden ze helemaal. Het werd een prachtig feest, niet in de laatste plaats door de fantastische supportersschare van de roodwitten. Het lijkt wel of ze elke week groter wordt. Dit keer was gekozen voor een intocht per boot. Rond de haven was het volgestroomd met mensen, die volledig uit hun dak gingen. IJsselmeervogels heeft dit seizoen veel losgemaakt. Uitblinker Gérard van der Nooy zei later:”Dan zit je op de boot en dan zie je in de verte al die mensen. Al die mensen die op je staan te wachten. Dat is echt ongelofelijk. Als speler doet dat je heel veel. Het, is de mooiste titel met de mooiste intocht.

Prachtig was de binnenkomst in de haven, waar ook burgemeester Groen, die na de wedstrijd al even in de kleedkamer was geweest, de spelers toesprak. “zelfs Sinterklaas kan niet bogen op zoveel publiek. We hebben vanmiddag kunnen zien wat jullie waard zijn. Het leek wel of het IJsselmeervogels was tegen de rest van de wereld. Mannen, wat een inzet! Met jullie prestatie op het veld hebben jullie ook het dorp Spakenburg gepromoot. Er is geen betere promotie denkbaar.”

Ook voorzitter Arthur van den Berg nam het woord. Met emotie in zijn stem bedankte hij de supporters, wat vervolgens ook aanvoerder Theo Koopmanschap en de spelers deden.”Supporters bedankt”, klonk het uit de luidsprekers. IJsselmeervogels heeft veel aan de supporters te danken.

Het feest werd voortgezet in de kantine. Het mooiste verhaal werd daar verteld door een visboer, die de wedstrijd nauwgezet volgde vanachter zijn marktkraam in Nijmegen. Toen het laatste fluitsignaal geklonken had, liet hij de handel even voor wat het was. “We hebben achter de kraam gedanst van blijdschap. Ik had de tranen in mijn ogen. Een Duitse toerist vroeg verbaasd: ‘Was machen Sie?’ Ik antwoordde: ‘Wir haben es geschaft!’ Hij begreep er nog niets van. ‘Was ist los dann?’ zei hij vervolgens. ‘Wir sind Landesmeister von Holland.” Iedereen mag het weten. De supporters lopen de komende maanden vol trots met hun borst vooruit!

Bekijk de beschikbare video’s op IJsselmeervogels.TV